vogelkijkgebied

Zuidkust van Schouwen, Flaauwers- en Wevers Inlagen (Schouwen Duiveland)

Kaart

Beschrijving: Dit ruim 60 hectare grote inlagencomplex dateert uit 1650 en 1651 toen de huidige inlaagdijken werden voltooid. Tot de watersnoodramp van 1953 maakte nog een derde inlaag, de Heertjes Inlaag, deel uit van het complex maar deze werd bij het dichten van het Schelphoekgat buitengedijkt. Beide inlagen staan vrijwel helemaal vol water met daarin enkele eilanden, de zgn. 'hillen'. In vroegere jaren waren hierop zgn. 'vogelarijen' gevestigd, dat wilde zeggen dat uit de Kokmeeuw-, Visdief- en Grote Stern-kolonies gecontroleerd eieren werden geraapt. Als tegenprestatie hield de 'vogelaar' de eilanden schoon, bracht nestmateriaal aan en hield ze roofdiervrij. Nu worden de Kokmeeuw- en sternenkolonies met rust gelaten. Het meest oostelijke eilandje in de Weevers Inlaag werd in de jaren 90 van de vorige eeuw aangelegd en onderaan de zeedijk werd in beide inlagen een aantal kwelputten geslagen om een betere verversing met zout water te verkrijgen. In 2001 werden twee eilanden afgevlakt om ze 's winters beter onder water te kunnen zetten in verband met rattenbestrijding, en werd tegelijkertijd de rietvegetatie verwijderd. De smalle oevers van deze inlagen bestaan uit grasland. De diverse eilandjes hebben een zoutvegetatie met onder andere Zeekraal, Schorrenkruid, Zeeaster en diverse zouttolerante grassen. De inlagen worden begraasd door schapen.

Zie verder: Zuidkust van Schouwen

Ligging: De inlagen bevinden zich 8 kilometer ten noordwesten van Zierikzee en zijn bereikbaar vanaf de N59 richting Haamstede, afslag Heerenkeet/Flaauwers. Bij het restaurant op de dijk rechtsaf over de Inlaagweg die eindigt bij een parkeergelegenheid aan de westkant van de Weversinlaag.

Toegang: De inlagen worden beheerd door Natuurmonumenten en zijn niet vrij toegankelijk. Vanaf de Inlaagweg en de zeedijk is er een goed uitzicht op het gebied.

Kenmerkende soorten: Jaarlijks wordt door de volgende soorten gebroed: Grauwe Gans, Soepgans, Bergeend, Wintertaling, Wilde Eend, Slobeend, Kuifeend, Waterhoen, Meerkoet, Patrijs, Fazant, Scholekster, Kluut, Kievit, Grutto, Tureluur, Kokmeeuw, Grote Stern, Visdief, Noordse Stern, Veldleeuwerik, Graspieper, Gele Kwikstaart, Witte Kwikstaart, Kleine Karekiet, Kneu, en Rietgors. Niet jaarlijks wordt er gebroed door Krakeend, Bontbekplevier en Knobbelzwaan. Beide inlagen genieten internationale bekendheid om hun hoogwatervluchtplaatsen met grote aantallen steltlopers. De laatste jaren is wel merkbaar dat er door de natuurontwikkelingsprojecten in het achterliggende Prunjegebied ook daar geschikte hoogwatervluchtplaatsen zijn ontstaan waardoor de tijd van spectaculair grote aantallen vogels in de inlagen voorbij lijkt te zijn. Vooral tijdens de voor- en najaarstrek zijn bij hoogwater de volgende soorten waar te nemen: Scholekster, Kluut, Bontbekplevier, Strandplevier, Zilverplevier, Kanoetstrandloper, Bonte Strandloper, Drieteenstrandloper, Krombekstrandloper, Wulp, Rosse Grutto, Groenpootruiter, Tureluur, Zwarte Ruiter, en Steenloper. Soms zijn er Kleine Strandlopers of Temmincks Strandlopers en er zijn jaarlijks opmerkelijk veel waarnemingen (grote waarnemers dichtheid!) van zowel Rosse Franjepoot als Grauwe Franjepoot in de nazomer en herfst. Vanaf deze periode tot het voorjaar wordt er ook gepleisterd door grondeleenden zoals Wilde Eend, Smient, Slobeend, Pijlstaart, Smient en Wintertaling maar er zijn ook vaak duikeenden zoals Kuifeend en Tafeleend aanwezig. In het voorjaar wordt er dikwijls gefoerageerd door Lepelaars. Bijzondere waarnemingen: Sporenkievit (1987), Roodhalsgans, Kleine Geelpootruiter (1991, in sloot onderaan inlaagdijk), IJsgors, Ross Gans, Chileense Flamingo, Kleine Burgemeester, Kraanvogel, Drieteenmeeuw, Zwarte Wouw, Grote Grijze Snip, Breedbekstrandloper, Terekruiter, Poelruiter en Grote Pieper.

Tekst: Gijs van den Ende

Laatste wijziging beschrijving: 07-10-2009

gratis website tellers